Sexy story deel III: “Ik had seks tijdens een eerste date”
details over haar Spannende date te Ontrafelen

Terwijl ik weg droomde in mijn gedachten excuseerde Mark zich. “Ik moet even rechtop zitten”, zei hij, terwijl hij mij liefdevol omhoog hielp. We zaten weer tegenover elkaar en staarden elkaar aan. Dit keer met veel meer passie dan voorheen. Zou het kunnen dat hij dezelfde fantasie deelde? Met dit idee in mijn hoofd  begon ik op mijn lip te bijten. Blijkbaar vond hij dit heel sexy… “Niet doen”, zei hij met een strenge, maar sexy toon. “Waarom niet?”, zei ik alsof mijn neus bloedde. Nog voor ik iets kon zeggen pakte hij mijn kin vast, kwam dichterbij, keek me doordringend aan en herhaalde zijn woorden: “Niet doen!”. Dit keer kwam het nog dominanter over. Kippenvel verspreide over mijn hele lichaam, maar niet van angst.Die mysterieuze kant van Mark maakte me nieuwsgierig. Ik wilde hem het liefst ter plekke op zijn bek pakken, maar ik besloot me door hem te laten leiden. Zijn dominante aanpak zorgde ervoor dat ik aan zijn lippen hing. We bleven een tijdje tegenover elkaar zitten en de spanning was om te snijden. Ik keek dan ook niet verbaasd op toen hij alle spullen inpakte, mijn hand vastgreep, me omhoog hees en zichzelf gulzig tegen mij aan drukte. Zijn mond verdween in mijn nek en maakte al zoenend zijn weg naar mijn oor. Zijn adem stokte voor hij in mijn oor fluisterde: “Ik zou je hier ter plekke kunnen pakken, maar ik hou niet van toeschouwers. Ik neem je mee naar huis.”Al gingen alle alarmbellen rinkelen, er was geen vezel in mijn lichaam die mij tegenhield. Ik liet me compleet gaan en volgde Mark naar zijn auto. Hij keek ongegeneerd naar mijn benen, die, al zeg ik het zelf, erg goed uitkwamen in mijn zomerse jurkje. Toen hij opmerkte dat ik het doorhad vroeg hij mij mijn jurkje omhoog te trekken. Dit ging mij net iets te ver en ik verstijfde. Mark pakte mijn hand en zei dat ik niets hoefde te doen waar ik mij niet goed bij voelde. “Ik heb een bed en een bank in mijn studio.” “Laten we afspreken dat als jij op de bank gaat zitten, het een rustige avond wordt.” “Maar als jij op mijn bed terecht komt, ik alles met je mag doen wat ik wil.”

Benieuwd naar hoe het verhaal van Charlotte afloopt? Houd Ohmagazine dan goed in de gaten…
 

 

Verhaal De leugenaar van de herder

Eens op een tijd leefde een herderjongen in een tiende dag. Elke ochtend zal hij het schaap van het dorp mensen nemen van de tien naar de groene heuvels en in de buurt van de tiende, zodat het schaap nieuw gras zal eten. 
Hij was bijna de hele dag alleen.   Op een dag was hij erg verveeld. Het was vrijdag en hij moest weer met schapen zijn. Van de top van de heuvel viel zijn ogen op de mensen van de mensen die in het midden van de tien verzamelden. Hij kwam naar haar mening en besloot om iets interessants te doen om een ​​beetje plezier te hebben. Hij riep: wolf, wolf, wolf kwam.   De tien mensen hoorden de stem van de herderjongen.Mensen waren daardoor boos en keerden naar haar terug met woede.     Na een lange tijd ging de jongen op een dag zitten en dacht terug, onthoudde dat grappige herinnering, en hij besloot om mensen terug te zetten. Hij riep: "De wolf kwam, de wolf kwam, help ..."    Angstige mensen renden naar de heuvels van hun huizen en boerderijen, maar toen ze de heuvel kwamen, zagen ze de jongen lachen.Mensen waren erg boos over haar werk en ze vochten hem. Iedereen zei iets en ze waren erg boos op de herder die tegen hen liep. Ze kwamen naar de heuvel en keerden terug naar hun boerderijen.  Hoeveel maanden is die dag afgelopen. Op een dag kwam er een gevaarlijke wolf dichterbij, en toen hij de schapen met schapen zag, kwam hij naar de kudde en viel het schaap mee.De jongen riep: "Wolf, de wolf kwam, help ...."Maar niemand kwam om hulp. Mensen dachten dat de herder opnieuw liep en ze wilde irriteren.Op die dag nam de herder een belangrijk resultaat in zijn leven. Hij begreep dat als mensen hulp nodig hadden, mensen hem zouden helpen, mits hij wist dat hij gelijk had.

Hoe koken gourmet groenten koken Hoe te bereiden: Rode bonen worden uit de nacht voor en gedurende deze periode geweekt, vervang het water. U kunt rode bonen 10 minuten in water koken en vervolgens bonen toevoegen om het voedsel niet te verduisteren.Doe de ui af en vryf het in de olie om het zacht te maken. Voeg het gehakte vlees toe en roer tot de vleeswissel verandert. Voeg dan bonen toe aan vlees.

Schil de groenten na het wassen. Giet dan een paar lepels olie in de pan en neem de groenten gedurende 15 minuten. Voeg de geschilde groenten toe aan de bakplaat. Drink Omani citroenen met een vork en steek een pot in en meng de ingrediënten. Na het mengen van de ingrediënten, giet 3 glazen louwarm water in de pot en verhit het om te koken.Na het koken stoofpot van warmte onder de pot te laag en laat stoven perfect geschikt voor 2-3 uur (olie drop). Controleer gedurende dit tijdstip de hoeveelheid zuurstof om genoeg water te geven, giet 10 minuten zout en peper en laat het 10 minuten in de pot staan ​​om de vegetarische soep te voltooien. Serveer groenten met rijst.Tips: Het belangrijkste is om de groene groenten te proeven , en u moet het verdelen door 500 gram plantaardig ( 150 gram + 150 gram peterselie + 100 gram koriander + 50 gram spinazie + 50 gram fenegriek ).Als u niet zeker bent van het type bonen die u koken, kunt u bonen maken en daarna toevoegen. Bij het smeren moet u de olie tegelijkertijd toevoegen als de groente tot de groente droog en donker. Het geheim is een heerlijke plantaardige gastronomische en groentetuinen (groenten moeten grondig verkrummeld en verkrummeld worden en in voldoende olie worden gebakken).                 Duizeligheid


Vluchtelingen hebben specifieke aandacht nodig

·         Vluchtelingen

Voor vluchtelingen zou een kort verblijf in asielzoekerscentra plus specifiek beleid op het gebied van onderwijs en arbeidsmarkttoeleiding kunnen bijdragen aan een betere kans op de arbeidsmarkt, zegt de Rotterdamse promovenda Linda Bakker.

Door Linda Bakker

21 januari 2016

 

Welke factoren bepalen de socio-economische integratie van vluchtelingen in onze samenleving? Voor beantwoording van die vraag heb ik onderzoek gedaan onder Afghanen, Irakezen, Iraniërs en Somaliërs met een geldige verblijfsstatus in Nederland. Per groep is een representatieve steekproef van circa 1000 vluchtelingen geïnterviewd over hun verblijf alhier. Ook zijn vluchtelingen die tussen 1995-1999 hun eerste verblijfsstatus hebben verkregen over een periode van ruim 10 jaar gevolgd.

Meer verschillen dan overeenkomsten

Vluchtelingen vormen een specifieke migrantengroep. Allereerst vanwege hun migratiemotief; op de vlucht voor oorlog en onderdrukking. Daarnaast brengt de vlucht vaak traumatische ervaringen met zich mee. Verreweg de meeste vluchtelingen zijn slecht of helemaal niet voorbereid op een verblijf in Nederland. Dat zij eerst een asielprocedure moeten doorlopen voordat ze mogen proberen een bestaan in ons land op te bouwen, draagt niet bij aan hun snelle integratie.

Meer nog dan deze overeenkomst, verschillen vluchtelingen op de meeste andere gebieden die relevant zijn voor de mate waarin zij kans maken om in Nederland te participeren. Aan de ene pool staan de Iraanse vluchtelingen die begin jaren ‘80 naar ons land kwamen, op de vlucht voor de repressie van het theocratische regime van ayatollah Khomeini. Ze zijn westers georiënteerd, voornamelijk afkomstig uit de stedelijke middenklasse en gemiddeld hoogopgeleid (40 procent op HBO/WO-niveau). Aan de andere pool bevinden zich de Somalische vluchtelingen die doorgaans laag opgeleid zijn of helemaal geen onderwijs hebben genoten. Hun lage opleidingsgraad is een direct gevolg van het ontbreken van een functionerende staat in het herkomstland. Het verschil in opleiding tussen Iraanse en Somalische vluchtelingen zie je direct vertaald in hun deelname op de arbeidsmarkt.

Iraakse vluchtelingen kwamen vooral aan het einde van de jaren ’90 naar Nederland, op de vlucht voor de door Verenigde Staten ontketende ‘war on terrorism’. Afghaanse vluchtelingen kwamen net iets eerder, namelijk ten tijde van de opkomst van de Taliban in de tweede helft van de ’90 er jaren. Van de Iraakse en Afghaanse groep heeft ongeveer een derde een opleiding afgerond op HBO/WO-niveau. Hun deelname op de participatiemarkt ligt tussen die van Iraniërs en Somaliërs in.

Opleiding en verblijfszekerheid belangrijk voor participatie

Hoewel het aandeel vluchtelingen met een HBO/WO opleidingsniveau - exclusief de Somalische groep - vergelijkbaar is met die van de autochtone bevolking, blijft hun arbeidsmarktparticipatie achter. Dit duidt erop dat niet alleen het opleidingsniveau, maar ook de plaats waar het onderwijs is genoten de participatiekansen van mensen bepaalt. Vluchtelingen die in het bezit zijn van een Nederlands diploma hebben een grotere kans op een baan dan zij die hun diploma in het land van herkomst hebben behaald. Ook hebben ze, vergeleken met autochtonen met vergelijkbare kenmerken, gelijke kansen op een baan die past bij hun opleidingsniveau.

Wat zeker niet bijdraagt aan een snelle integratie van vluchtelingen, is dat het diploma van vluchtelingen dat in het land van herkomst is behaald, hier vaak niet wordt erkend vanwege het ontbreken van officiële documentatie. Van de verzoeken tot diplomawaardering die worden ingediend wordt slechts 1 op de 3 erkend, en dan ook nog vaak op een lager niveau. Op basis van deze bevindingen pleit ik voor alternatieve manieren van het erkennen van competenties, bijvoorbeeld in de vorm van een assessment test. Verder kan het volgen van een (aanvullende) opleiding in Nederland de participatie van vluchtelingen verhogen.

Ook verblijfszekerheid is belangrijke factor

Een andere belangrijke factor voor de integratie van vluchtelingen, is de verblijfszekerheid. Asielzoekers die in Nederland worden toegelaten, krijgen eerst een tijdelijke verblijfstatus met een geldigheid van vijf jaar. Het blijkt dat vluchtelingen die de Nederlandse nationaliteit hebben verworven een grotere kans maken op een baan dan vluchtelingen die een tijdelijke verblijfsstatus hebben. Een mogelijke verklaring hiervoor is de onbekendheid bij werkgevers over de rechten van vluchtelingen met een tijdelijke status - zij hebben dezelfde rechten als Nederlandse staatsburgers met uitzondering van stemrecht - en dat daarom hun potentieel niet wordt aangeboord.

Na een verblijf van vijf jaar in Nederland heeft ongeveer de helft van de vluchtelingen een baan voor meer dan acht uur per week. Na twee jaar is dit slechts een kwart. Een verklaring voor de lage participatie in de eerste verblijfsjaren is dat vluchtelingen vaak relatief onvoorbereid hun land ontvluchten. In de eerste jaren van verblijf moeten vluchtelingen achtereenvolgens inburgeren, de Nederlandse taal leren en soms een opleiding opvolgen voordat ze kunnen toetreden tot de arbeidsmarkt. Andere migranten, zoals arbeids- en familiemigranten, zijn hier vaak al deels mee gestart in het herkomstland. Inzet op duale trajecten, waarbij opleiding, werk en taal gecombineerd worden, kunnen de participatie van vluchtelingen op de arbeidsmarkt versnellen. Dit vergt samenwerking van gemeenten en werkgevers.

Specifieke problemen vragen om specifiek beleid

Ten slotte ervaren vluchtelingen die lang verblijven in asielzoekerscentra psychische gezondheidsproblemen. De beperkte rechten en onzekerheid over de toekomst speelt hen parten en dit werkt negatief door in hun kansen op de arbeidsmarkt. Het waarborgen van korte procedures is dan ook van belang.

Kortom, vluchtelingen zijn een specifieke migrantengroep, die geconfronteerd worden met specifieke problemen bij hun integratie in Nederland: dit vraagt op specifiek beleid. Ik denk dan aan het creëren van (aanvullende) opleidingsmogelijkheden voor vluchtelingen en duale trajecten waar leren en werken gecombineerd kunnen worden. Ook arbeidsmarkt-toeleiding is van belang voor deze groep. Immers, vluchtelingen ontbeert het aan kennis over de arbeidsmarkt. En ze hebben al evenmin de beschikking over functionele netwerken welke van belang zijn voor het vinden van een baan in Nederland. Gemeenten en werkgevers zouden hier samen in kunnen optrekken.

Linda Bakker verdedigt haar proefschrift 

‘Seeking Sanctuary in the Netherlands: opportunities and obstacles to refugee integration’ op donderdag 21 januari 2016 aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Ze was voor haar promotieonderzoek verbonden aan de afdeling Sociologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam en aan het Sociaal en Cultureel Planbureau. Ze werkt nu voor Significant, een onafhankelijk onderzoek- en adviesbureau in de publieke sector.